» 

diccionario analógico

ontvoeringrapto, secuestro - aducción, alegato - onrust, opschuddingagitación - body English (en) - circumduction (en) - ordeverstoringdisturbio - fetal movement, foetal movement (en) - sprongmovimiento rápido - gebaargesto - hoofdshudden - buiginginclinación - omkering - omkeringinversión - schok, watjearrancada, arranque, choque, golpe, impacto, meneo, sacudida - eindschot, eindsprint, eindspurt - kniebuiging - het stampen, stampencabezada - ontsluiting, openingapertura, inauguración - het zich ter aarde werpen, prosternatiepostración, prosternación - het zich uitrekkenestiramiento, tramo - reciprocación - reclining (en) - intrekking - retroflection, retroflexion (en) - aswenteling, omwenteling, rotatie, slag, toerrotación - sluitingcerradura, cierre - sitting (en) - planteamiento - snap (en) - kraakactie, kraakpandocupación de una vivienda - slinger, zwaai, zwiep, zwiergesto, gesto/movimiento amplio - toss (en) - trillingvibración - golf - flicker, flutter, waver (en) - competitieladder, competitiestand - overspannenheid, overspanning, spreidstandtijereta - slagbrazada, golpe - gekrioel, gewriemel, kronkelbewegingbisagra, cernidillo, contoneo, meneo - euritmieeuritmia, eurítmica, gimnasia rítmica - eye movement (en)[Spéc.]

omgooienmover, moverse, trasladar[Dérivé]

beweging (n.f.) • gesto (n.) • mechaniek (n.) • movimiento (n.m.)

-

 


   Publicidad ▼