Publicidad ▼


 » 

diccionario analógico

bufferen; stockeren; opslaan; in voorraad nemenguardar; surtirse; almacenar; abastecerse de; proveerse de[ClasseHyper.]

aanbrengen, aanvoeren, bezorgen, fourneren, helpen aan, schaffen, toereiken, toevoeren, verstrekken, voorzien vanagenciar, comprar, conseguir algo para alguien, facilitar, guarnecer, mantener, procurar, proporcionar, proveer, suministrar, surtir[Hyper.]

stock, voorraadexistencias, inventario, stock, surtido - leverancieralmacenista, distribuidor, proveedor - stock, voorraadacervo, acopio, almacén, caja, depósito, fondo, repuesto, reserva, retén[Dérivé]

business, commerce, commercie, economisch verkeer, handel, handelsgeest, handelsverkeer, koophandel, koopmansgeest, ruilverkeer, zaakcomercialismo, comercio, intercambio, intercambio comercial, mercantilización[Domaine]

bijeengaren, bijeenkomen, bijeenzoeken, hamsteren, oppotten, overvoeren, voorraad aanleggenacaparar, ahuchar, almacenar, amontonar, atesorar, guardar, juntar, reunir - understock (en)[Spéc.]

accumulatie, ophoping, opstapeling, voorraadvormingalmacenamiento - goederenopslag, opslagalmacenaje[Nominalisation]

déstocker (fr)[Défaire]

stock, voorraadexistencias, inventario, stock, surtido - leverancieralmacenista, distribuidor, proveedor - stock, voorraadacervo, acopio, almacén, caja, depósito, fondo, repuesto, reserva, retén[Dérivé]

abastecerse  • abastecerse de (v. trans.) • almacenar (v. trans.) • bufferen (v. trans.) • guardar (v. trans.) • inslaan  • in voorraad nemen (v. trans.) • opslaan (v. trans.) • proveerse de (v. trans.) • stockeren (v. trans.) • surtirse (v. trans.)

-

 


   Publicidad ▼